Een Woord uit de Bijbel dat we niet mogen verontachtzamen


Share Button

Aangeleverd door: Luitjen Westra

1 En ik, broeders, kon tot u niet spreken als tot mensen die geestelijk zijn, maar als tot mensen die nog vleselijk zijn, als tot jonge kinderen in Christus.
2 Ik heb u met melk gevoed en niet met vast voedsel, want u kon dat nog niet verdragen; ja, u kunt dat ook nu nog niet,
3 want u bent nog vleselijk. Als er immers onder u afgunst is en ruzie en tweedracht, bent u dan niet vleselijk en wandelt u dan niet naar de mens?
4 Want als iemand zegt: Ik ben van Paulus, en een ander: Ik van Apollos, bent u dan niet vleselijk?
5 Wie is Paulus dan, en wie is Apollos, anders dan dienaren, door wie u tot geloof gekomen bent, en dat zoals de Heere aan ieder van hen gegeven heeft?
6 Ik heb geplant, Apollos heeft begoten, MAAR God HEEFT HET LATEN GROEIEN.
7 Dus is dan noch hij die plant iets, noch hij die begiet, maar God, Die laat groeien.

 

1Cor 3: 1-7